Les Voortgang
0% Voltooid

Marja wil graag een lening afsluiten om een nieuwe auto te kopen. Ze vraagt zich af waar ze dit het beste kan doen: bij haar bank, de autodealer of bij de financieel dienstverlener waar ze al haar verzekeringen heeft afgesloten?

In de economie hebben sommige bedrijven, klanten en gezinnen een tekort aan geld, terwijl anderen juist een overschot aan geld hebben.
Bedrijven, klanten en gezinnen met een overschot aan geld noemen we overschothuishoudens, degenen met een tekort aan geld noemen we tekorthuishoudens. De tekorthuishoudens moeten soms geld lenen. Dit wordt het afsluiten van een krediet genoemd. Volgens het woordenboek is de betekenis van krediet: ‘uitstel van betaling’.

Om te kunnen blijven investeren in hun onderneming, lenen bedrijven vaak geld. Deze lening die bedrijven afsluiten noemen we productief krediet. Een productief krediet wordt doorgaans verschaft als een bedrijf door te investeren de winst denkt te vergroten.

Consumptief krediet is een lening die door klanten gebruikt wordt voor consumptieve doeleinden. Hiermee wordt de aanschaf van goederen en diensten (zoals bijvoorbeeld een flatscreen TV, een scooter of een vakantie) bedoeld. Consumptief krediet kan op verschillende manieren worden verstrekt: in de vorm van een product of in de vorm van geld. Hierdoor kunnen we verschillende manieren van krediet verstrekken onderscheiden:

  • Goederenkrediet
    Hierbij ontvangt de klant een product ofwel consumptiegoed. Het product is een bepaald bedrag in geld waard. Dit bedrag moet de klant terugbetalen. Er is sprake van objectfinanciering als er duurzame goederen worden gekocht, zoals scooters, auto’s en boten.
  • Geldkrediet
    Hierbij leent de kredietnemer een bepaald geldbedrag. De kredietnemer kan zelf bepalen wat hij met het geld wil kopen.

De kredietnemer is degene die een lening aanvraagt. De zogenaamde kredietverstrekker verstrekt de lening. Dat wil zeggen, hij stelt het geld of het product ter beschikking aan de kredietnemer.

Kredietnemers en kredietverstrekkers kunnen op 2 manieren een lening tot stand brengen:

1.    Directe financiering

Als overschot- en tekorthuishoudens elkaar vinden zonder tussenkomst van een financiële instellingen en het samen eens worden het verlenen van krediet, spreken we van directe financiering. Bijvoorbeeld als een vrouw (de klant / het tekorthuishouden) geld leent van haar neef (een overschothuishouden).

2.    Indirecte financiering

Kredieten die worden verstrekt door financiële instellingen noemen we in-directe financieringen. De financiële instellingen ontvangen geld van overschothuishoudens en lenen dat uit aan tekorthuishoudens.