Les Voortgang
0% Voltooid

De volgende partijen kunnen bij een inkomensadvies betrokken zijn:

  • Werkgevers
  • Werknemers
  • Ondernemingsraad
  • Zelfstandig ondernemers
  • DGA’s
  • Particuliere consumenten
  • Inkomensadviseurs
  • Inkomensverzekeraars.

Werkgevers
Collectieve inkomensverzekeringen zijn werknemersregelingen die de werkgever ten behoeve van zijn personeel afsluit. Het doel van het afsluiten van een collectieve regeling is het aanvullen van bestaande sociale uitkeringen waar de werknemer recht op heeft ingeval van arbeidsongeschiktheid. De werkgever beslist in het kader van goed werkgeverschap zelf of een dergelijke werknemersregeling wordt afgesloten. Vanuit cao’s wordt een werkgever ook vaak verplicht om een (op maat gesneden) collectieve inkomensverzekeringen af te sluiten voor zijn werknemers. Dit kunnen op zichzelf staande regelingen zijn, maar ook de inkomensverzekering kan onderdeel uitmaken van een pensioenregeling. De werkgever kan dus zelf een collectieve regeling afsluiten of doet dat – verplicht – via zijn bedrijfstakpensioenfonds. In het laatste geval wordt de inhoud van de regeling niet door de werkgever maar de werkgeversorganisaties bepaald.

Ondernemingsraad
De belangen van werknemers worden bij grotere bedrijven vertegenwoordigd door de ondernemingsraad (OR). De OR moet volgens de Wet op de ondernemingsraden (WOR) betrokken worden de inrichting van de arbeidsvoorwaarden op ondernemingsniveau. Een OR heeft in sommige situaties het recht van instemming. Het is dan ook vanzelfsprekend dat de OR betrokken wordt bij de opzet en de uitvoering van collectieve werknemersregelingen. Het recht van instemming geldt echter niet als een pensioenregeling of collectieve inkomensverzekering al in de cao(collectieve arbeidsovereenkomst) is geregeld. Bij het vaststellen van de cao-regelingen zijn immers al werknemersorganisaties betrokken geweest. Worden er echter, binnen het eigen bedrijf, bovenop de cao-verplichtingen nog aanvullende regelingen door de werkgever aangeboden, dan is instemming van de OR weer wel nodig.

Werknemers
Wanneer een werknemer een collectieve inkomensverzekering aangeboden krijgt via zijn werkgever, is deze werknemer de verzekerde. Hij heeft tot op zekere hoogte inspraak in de verzekering. Vaak kan hij kiezen uit verschillende dekkingen en kan hij ook besluiten géén gebruik te maken van de aangeboden inkomensdekking. De inkomensadviseur zal het uiteindelijke doel van zijn klant goed voor ogen moeten
houden. Enerzijds moet geïnventariseerd worden welke risico’s de klant en zijn werknemer lopen, anderzijds moet de adviseur rekening houden met de bestaande arbeidsvoorwaarden van de klant. Arbeidsvoorwaarden kunnen van belang zijn bij het werven en behouden van de werknemers.

Zelfstandig ondernemers
Zelfstandig ondernemers vormen een duidelijk aparte klantengroep voor inkomensverzekeringen. Zij lopen een veel groter inkomensrisico dan de werknemer, omdat zij geen beroep kunnen doen op de werknemersverzekeringen. Denk hierbij een de WIA en de WW. Ondanks het feit dat het risico groter is, kiezen toch veel (vooral kleine) zelfstandig ondernemers ervoor om hun inkomensrisico niet te verzekeren. Ze vinden deze verzekeringen vaak te duur en kunnen (of willen) deze - vooral als het zakelijk niet zo goed gaat - niet betalen.

Zwaar ziek zonder baas
Het aantal zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers) is de laatste jaren sterk toegenomen. Waren er in 1996 nog 330.000 personen werkzaam als ZZP’er, in 2017 is dat opgelopen tot ruim 1 miljoen. Jaarlijks starten 110.000 tot 130.000 ZZP’ers een bedrijf. Door natuurlijk verloop groeit het totaal op explosieve wijze per jaar structureel met 40.000 tot 50.000 nieuwe ZZP’ers. In 2017 komt dat neer op ruim 10 % van de beroepsbevolking.

Zelfstandigen, al dan niet met personeel, verschillen onderling in belangrijke mate ten aanzien van leeftijd, opleidingsniveau, inkomen en vermogen. Maar voor alle zelfstandigen geldt dat zij niet automatisch recht hebben op een uitkering bij ziekte van een werkgever of het UWV. Het risico van inkomstenverlies, door ziekte en/of ongeval, komt voor een zelfstandig ondernemer volledig voor eigen rekening. Het is daarom verstandig om zelf een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid af te sluiten. Maar 60 procent van de zzp’ers doet dat niet.

Negatieve verhalen
Een goede arbeidsongeschiktheidsverzekering kost honderden euro’s per maand en bevat ingewikkelde kleine lettertjes en uitsluitingen. Niet gek dat bijna twee derde van de zzp’ers niet is verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Zoals consultant Anne: ‘Toen ik vijf jaar terug mijn bedrijf begon, vroeg ik wel offertes op van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Maar het zou minimaal 5.000 euro per jaar gaan kosten. Daarbij adviseerden meerdere adviseurs eerst te kijken hoe mijn eigen zaak zich zou ontwikkelen. In de loop der jaren hoorde ik meer en meer negatieve verhalen van andere zelfstandigen over arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Dat verzekeraars niet uitkeren in situaties waarin men echt ziek is. Daarom kies ik bewust voor een ruime financiële buffer in plaats van een arbeidsongeschiktheidsverzekering.’

Buffer
Anne typeert de groep onverzekerde zelfstandigen; ze verwachten bij ernstige ziekte te kunnen teren op een financiële buffer of terug te kunnen vallen op het inkomen van hun partner. Zeker voor jonge ondernemers is dit een risico. Als er geen goed gevulde spaarrekening of een inkomen van de partner (meer) is, wacht hen enkel de bijstand. Uit onderzoek blijkt dat zelfstandigen het risico op ziekte veel te laag inschatten. Zo verwacht slechts 20 procent ernstig ziek te kunnen worden, terwijl in de praktijk 30 procent van de zelfstandigen een periode arbeidsongeschikt is.

Bron: CBS maart 2017

Update zzp’ers

Nederland telde in 2018 bijna 1,1 miljoen zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers). Het gaat hierbij om personen waarvoor een werkkring als zelfstandige de hoofdbaan is. Hun aantal is de afgelopen jaren voortdurend gestegen. Als ook mensen worden meegeteld waarvoor zzp-schap een bijverdienste is, dan ligt dit aantal nog hoger. In 2016 hadden ruim 1,4 miljoen personen inkomsten als zzp’er; voor bijna 900 duizend was het hun belangrijkste inkomensbron. De groep zzp’ers is zeer divers en ze werken in alle bedrijfstak ken. Ze zijn relatief vaak 45-plus en mannen zijn oververtegenwoordigd. Om die reden is het de bedoeling dat er in 2024 een verplichte basisverzekering wordt ingevoerd. voor ZZP-ers op het gebied van arbeidsongeschiktheid

Bron CBS maart 2018

DGA’s
De directeur-grootaandeelhouder (DGA) bevindt zich in een iets andere situatie dan de “normale” zelfstandig ondernemer. In sommige situaties wordt een DGA gezien als werknemer in plaats van zelfstandig ondernemer.

In het kader van de inkomensvoorzieningen gaat het dan vooral om de vraag of er door het bedrijf voor de DGA werkgeverslasten worden afgedragen en hij daarom, als “werknemer” verzekerd is in het kader van de Ziektewet, de WIA en de WW.

Hij is in ieder geval NIET verplicht verzekerd als er aan een of meerdere van de volgende criteria wordt voldaan:

  • De DGA minstens 50 % van de aandelen (al dan niet samen met zijn echtgenote) in bezit heeft ;
  • De DGA niet kan worden ontslagen of geschorst zonder zijn medewerking;
  • De DGA samen met andere DGA’s een gelijk aantal stemmen kan uitbrengen (gelijke verdeling van aandelen en stemrecht);

Als de echtgenote en/of andere familieleden van de DGA in het bedrijf werkzaam zijn, geldt het verplicht verzekerd zijn voor hen alleen als hun arbeidsvoorwaarden gelijk zijn aan die van de overige werknemers van het bedrijf. Als de arbeidsvoorwaarden wél afwijken vanwege de familierelatie dan zijn ze niet verplicht verzekerd.

Kortom: de DGA is meestal niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Hiermee krijgt hij dezelfde status als zelfstandig ondernemer.

De BV of NV kan echter, ongeacht het ontbreken van een gezagsverhouding, wel een loondoorbetalingsplicht bij ziekte voor de DGA hebben. Die verplichting is namelijk gekoppeld aan het bestaan van een arbeidsovereenkomst en is actief wanneer de DGA voor de BV of NV werkzaamheden verricht en daar loon voor uitbetaald krijgt

De loondoorbetalingsverplichting bij ziekte van de DGA komt in de meeste gevallen echter volledig voor rekening van het bedrijf. Verzekeraars verzekeren dit risico meestal niet, omdat een DGA, als directeur/ eigenaar, zijn ziekteproces zelf kan beïnvloeden. De verzekeraars zien en behandelen de DGA liever als zelfstandig ondernemer.

Particuliere klant
De particuliere klant vraagt, los van zijn werknemerschap, ook om inkomens advisering. In zijn totale financiële plaatje heeft het inkomensadvies een belangrijke plaats, met name vanwege gevolgen van inkomstenverlies voor de maandelijkse vaste lasten zoals bijvoorbeeld een hypotheek of de huur.

Inkomensadviseur
De inkomensadviseur geeft advies over inkomensrisico’s en mogelijke oplossingen. De adviseur kan zijn werkzaamheden indelen in verschillende klantgroepen: de werkgever, de werknemer, de ondernemer en de DGA. De adviseur Inkomen moet veel kennis in huis hebben. Kennis, niet alleen over verzekeringen en sociale zekerheid, maar ook over mogelijke risico’s die de klant loopt. Daarnaast moet de adviseur Inkomen ook beschikken over de nodige vaardigheden. Hij moet analytisch kunnen denken, gesprekken kunnen voeren, adviezen kunnen schrijven, communicatief vaardig zijn. Allemaal punten die van belang zij bij het goed uitvoeren van het adviesproces. Aan deze vaardigheden wordt dan ook ruim aandacht geschonken in deze opleiding.

Inkomensverzekeraars
Voor het afdekken van inkomensrisico’s kunnen klanten terecht bij verzekeraars. Daarnaast worden in pensioenregelingen ook vaak dekkingen voor inkomensrisico’s opgenomen. Die pensioenregelingen lopen ook bij een verzekeraar, of bij een pensioenfonds.