Les Voortgang
0% Voltooid

Niet alleen de juridische positie van de klant is in elke levensfase anders, ook de fiscale positie. Bij de verschillende fases en de daarmee samenhangende gebeurtenissen horen verschillende juridische en fiscale verplichtingen en mogelijkheden. Onderstaand overzicht geeft een indruk van een aantal van de belangrijkste rechten en (belasting)plichten. 

Overzicht rechten en plichten in diverse levensfasen 

De juridische positie van de klant is belangrijk voor de financieel dienstverlener. Afhankelijk van die juridische positie mag de klant bepaalde handelingen wel of niet doen, dan wel alleen met toestemming van een ander. 

Het personen- en familierecht is onderdeel van privaatrecht. Het privaatrecht houdt zich bezig met afstamming, geboorte en overlijden, huwelijken, echtscheidingen en andere zaken die te maken hebben met familiebetrekkingen en bevoegdheden van personen. 

Voordat we hier dieper op ingaan, is het goed te bepalen wat een overeenkomst is. 

De overeenkomst

Een overeenkomst is een afspraak tussen 2 of meer partijen. Tegenover het aanbieden van een prestatie door de ene partij staat een tegenprestatie van de andere partij. Een overeenkomst is gesloten wanneer beide partijen het eens zijn over de inhoud van de overeenkomst. 

Wil een overeenkomst rechtsgeldig zijn, dan moet voldaan zijn aan 4 vereisten volgens het Burgerlijk Wetboek (BW). 

De 4 vereisten voor een overeenkomst zijn:

  1. de wilsovereenstemming tussen partijen
  2. handelingsbekwaamheid van partijen
  3. de bepaalbaarheid van de wederzijdse verplichtingen
  4. een geoorloofde afspraak 

1. Wilsovereenstemming tussen partijen 
Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding van dat aanbod. Alle partijen die betrokken zijn bij een overeenkomst moeten dit ook willen. Er mag geen sprake zijn van dwang, intimidatie of chantage. Er moet dus wilsovereenstemming zijn. Dit kan mondeling geschieden, maar doorgaans wordt een overeenkomst schrifte lijk vastgelegd. 

In sommige situaties sluiten aanbod en aanvaarding direct op elkaar aan. 

Voorbeeld 1 directe wilsovereenstemming
Ans koopt een brood bij de bakker. Ze wijst aan welk brood zij wil en betaalt voor het brood. Er is nu sprake van directe aanvaarding. 

Voorbeeld 2 directe wilsovereenstemming
Een reisverzekeraar biedt op zijn internetsite een reisverzekering aan tegen een premie van €1 per dag met een specifieke dekking. Indien de verzekeringnemer op het aanbod van de reisverzekeraar ingaat door zijn gegevens in te vullen en de verzekering af te sluiten, komt de reisverzekering direct tot stand. 

Maar niet iedere overeenkomst komt direct tot stand. Er zijn situaties waarbij het eerste aanbod niet wordt aanvaard, omdat de condities niet bevallen. Er is nu geen sprake van aanvaarding, maar van een tegenbod. Bij elk nieuw bod vervalt het vorige. Als partijen het na enkele onderhandelingsronden wel met elkaar eens zijn, is sprake van wilsovereenstemming. 

Voorbeeld 1 van wilsuiting naar wilsovereenstemming
Golfwinkel Golf4Ever heeft een mooie golfset in de winkel staan. Nadia wil een golfset kopen (wilsuiting). De verkoper adviseert Nadia de golfset te kopen. Maar Nadia vindt de prijs voor de golfset te hoog. Er is nu geen wilsovereenstemming. 

De verkoper biedt vervolgens aan de prijs te verlagen met €100. Nadia gaat hiermee akkoord. Nu is er sprake van wilsovereenstemming. De overeenkomst is gesloten. 

Voorbeeld 2 van wilsuiting naar wilsovereenstemming
Erna wil een overlijdensrisicoverzekering afsluiten. Erna vult, als kandidaat- of aspirant- verzekeringnemer, het aanvraagformulier en de gezondheidsverklaring in. Erna uit haar wil om deze verzekering te sluiten.Nu is er sprake van wilsuiting. 

De verzekeraar beoordeelt de gegevens op de gezondheidsverklaring van Erna, maar wil de overlijdensrisicoverzekering tegen een andere premie en andere voorwaarden aanbieden. 

Als Erna dit aanbod aanvaardt, is sprake van wilsovereenstemming. In dit geval moet de verzekeraar de aanvaarding ook nog schriftelijk bevestigen. 

Wilsovereenstemming: het moment dat sprake is van aanbod en aanvaarding van dat aanbod. 

Wilsuiting: het uiten van de wil. Het “ja ik wil…”. 

2. Handelingsbekwaamheid van partijen 
Een persoon is handelingsbekwaam als hij zelfstandig rechtshandelingen mag verrichten. Het afsluiten van een overeenkomst is zo’n rechtshandeling. In de wet is vastgelegd wie handelings- bekwaam is. Een persoon van 18 jaar of ouder en die niet onder curatele staat, is voor de wet meerderjarig en in beginsel handelingsbekwaam. 

  • Handelingsbekwaam 
    Tot 5 december 2015 konden minderjarigen vanaf 16 jaar in Nederland met toestemming van de rechter trouwen. Als gevolg van het huwelijk werden de minderjarigen automatisch als handelingsbekwaam aangemerkt. De voorwaarde hierbij was wel dat de moeder zwanger was, of bevallen van een kind. Met de komst van de Wet tegengaan huwelijksdwang is dit niet meer mogelijk. Het huwelijk of het geregistreerd partnerschap wordt sindsdien alleen erkend als beide partners minimaal 18 jaar zijn. De rechter kan een 16- of 17-jarige nog wel handelingsbekwaam verklaren voor bepaalde rechts- handelingen. Dit wordt handlichting genoemd. Een minderjarige kan na handlichting bijvoorbeeld een onderneming beginnen. 

Voorbeeld handelingsonbekwaam
De 17-jarige Vincent koopt een bromfiets. Zijn vader is het niet eens met de aankoop en Vincent moet de bromfiets van zijn vader terugbrengen bij de bromfietshandelaar. De bromfietshandelaar moet de bromfiets terugnemen. 

Vincent is 17 jaar en handelingsonbekwaam. Hij kan zelf geen overeenkomst (de aankoop van de bromfiets) sluiten. Zijn ouders moeten hiermee instemmen en de overeenkomst mede ondertekenen. 

  • Minderjarigen 
    Minderjarigen zijn in principe handelingsonbekwaam. Omdat doorgaans van rechtswege de ouders de vertegenwoordigers van de minderjarigen zijn, mogen zij namens de minderjarige beslissingen nemen. Zelfs kunnen ze rechtshandelingen van de minderjarige terugdraaien of – laten – vernietigen. Daarentegen zijn díe rechtshandelingen die in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk zijn om door een minderjarige zelfstandig verricht te worden níet vernietigbaar. 

Voorbeeld rechtshandeling die niet vernietigbaar is
Helen (13 jaar) koopt na de handbalwedstrijd een flesje drinken in de kantine. 

Een handelingsbekwaam persoon mag rechtshandelingen verrichten. Rechts handelingen leiden tot een bepaald rechtsgevolg. Bij het afsluiten van een overeenkomst ontstaat een juridische relatie tussen 2 of meer partijen. Maar niet bij alle rechtshandelingen zijn 2 of meer partijen betrokken. Denk hierbij aan de mogelijkheid dat een persoon een testament opstelt. Het opstellen van het testament gebeurt eenzijdig, maar heeft wel rechtsgevolgen, namelijk de verdeling van de nalatenschap. 

  • Handelingsbevoegd 
    Naast handelingsbekwaamheid is er ook handelingsbevoegdheid. Een persoon is handelingsbevoegd als hij:
    • handelingsbekwaam is, en
    • er geen bepaling is die hem voor de rechtshandeling onbevoegd verklaart. 

Handelingsbevoegdheid kan voortvloeien uit een overeenkomst, maar ook uit de wet. 

Voorbeeld handelingsbevoegdheid
José en Karel hebben een bankrekening die op hun beider naam staat: het is een en/ of-rekening. Zowel José als Karel hebben ieder handelingsbevoegdheid op deze rekening. Ze kunnen dus afzonderlijk van elkaar de rekening beheren. Dat betekent dat ze betalingen mogen doen en geld mogen opnemen. Maar ze mogen niet afzonderlijk van elkaar de en/ of-rekening opzeggen. Voor zowel het openen van een en/of-rekening als voor het sluiten moeten beide partners tekenen. 

Ontnemen handelingsbekwaamheid
Handelingsbekwaamheid kan ontnomen worden. De rechter kan een meerderjarige zijn handelingsbekwaamheid ontnemen: hij wordt dan onder curatele gesteld. Er wordt dan door de rechter een curator aangewezen om het beheer te voeren over de bezittingen van een natuurlijk persoon. Het onder curatele plaatsen van een persoon is een zeer ingrijpende maatregel en vindt plaats als deze persoon niet meer voor zichzelf kan zorgen door:

  • een geestelijke stoornis, aangeboren of op latere leeftijd verworven, zoals dementie
  • verkwisting: het ‘over de balk gooien’ van geld en goederen
  • verslaving (door de verslaving wordt al het handelen van de onder curatele gestelde persoon een risico voor zichzelf of zijn omgeving) 

Voorbeeld ontnemen handelingsbekwaamheid
Geert (28 jaar) is al jaren gokverslaafd. Om maar aan geld te komen voor het gokken liegt en bedriegt hij. Hij troggelt iedereen geld af en doet mee aan gevaarlijke spelletjes zoals Russische roulette om geld te ‘verdienen’. 

Zijn ouders vragen de rechter om Geert zijn handelingsbekwaamheid te ontnemen. De rechter kan Geert onder curatele plaatsen en een curator aanwijzen. 

  • Onderbewindstelling 
    Het ontnemen van iemands handelingsbevoegdheid is een minder zware ingreep dan het ontnemen zijn handelingsbekwaamheid. Wanneer de rechter iemands handelingsbevoegdheid geheel of gedeeltelijk ontneemt, dan noemen we dat onderbewindstelling. Bij onderbewindstelling blijft de persoon wel handelingsbekwaam, maar heeft hij geen zeggenschap meer over zijn vermogen. Deze maatregel wordt genomen wanneer iemand zijn financiële huishouding niet op orde weet te houden. De rechter wijst dan een bewindvoerder aan die het financiële beheer van de huishouding overneemt. 

Voorbeeld onder bewind stellen
José is onder bewind gesteld en daaronder valt haar antieke boekcollectie. Tijdens een van haar regelmatige bezoeken aan boekenbeurzen komt zij in contact met Jan. Als Jan haar collectie ziet, is hij dermate enthousiast over een boek dat hij het van haar koopt. 

Een maand later komt de bewindvoerder van José erachter dat zij het boek aan Jan heeft verkocht. De bewindvoerder stuurt hem direct een aangetekende brief waarin hij de koopovereenkomst ontbindt. 

Ook al kon Jan niet weten dat José onder bewind stond, de koopovereenkomst zal toch ongedaan gemaakt worden. Hij moet haar het boek teruggeven en zij zal hem de koopprijs moeten vergoeden. 

  • Mentorschap 
    Er zijn ook situaties denkbaar waar een persoon een andere persoon vertegenwoordigt in het rechtsverkeer. Denk aan de ouder-kindrelatie. De ouder vertegenwoordigt het minderjarige kind. Toch zijn er ook een aantal gevallen waarin een meerderjarige in het rechtsverkeer wordt vertegenwoordigd door een ander. Er is dan sprake van mentorschap. De rechter stelt de mentor aan. Van een dergelijke situatie is sprake wanneer iemand door lichamelijke of geestelijke beperkingen zijn persoonlijke belangen niet meer kan behartigen. 

Voorbeeld invoegen mentorschap
Ton, de man van Joke, zit in een zorginstelling als gevolg van geestelijke beperkingen. Hij moet een medische behandeling ondergaan, maar begrijpt de impact van de behandeling niet. Zijn vrouw Joke is zijn mentor en behartigt zijn persoonlijke belangen. 

Alle lopende curatelestellingen en bewindstellingen staan in het curatele- en bewindregister. Dit is een openbaar register. 

Samenvatting ontnemen handelingsbekwaam- en bevoegdheid 

  • Volmacht 
    Een andere vorm van vertegenwoordiging bij een overeenkomst is de volmacht. De handelingsbevoegdheid wordt dan gedelegeerd aan een ander. De volmachtgever bepaalt de omvang van de volmacht en de duur. 
  • Bij een volmacht zijn de begrippen beschikkingshandeling en beheershandeling van groot belang.
    • Bij een beschikkingshandeling heeft de gevolmachtigde niet alleen het economisch eigendom van de zaak (het gebruiksrecht), maar ook het juridisch (feitelijk) eigendom.
    • Bij een beheershandeling heeft de gevolmachtigde alleen het economisch eigendom van de zaak. 

Voorbeeld volmacht
Tinka is gevolmachtigde op de betaalrekening van haar vader. Tinka kan nu haar vader helpen bij zijn financiën. 

Tinka kan geld van de rekening overboeken of geld van de rekening afhalen en geld op de rekening storten (beheershandelingen). Maar Tinka kan de rekening niet opzeggen, zonder mede ondertekening van haar vader (beschikkingshandeling). 

3. Bepaalbaarheid van de wederzijdse verplichtingen 
Het moet voor alle partijen duidelijk zijn wat er precies is afgesproken: zowel de prestatie als de tegenprestatie moeten vaststaan. Zijn deze zaken niet helder, dan kan dat later tot meningsverschillen leiden. Om problemen te voorkomen is het raadzaam overeenkomsten schriftelijk vast te leggen. Het voordeel van deze schriftelijke vastlegging is dat er bij onenigheid een bewijsmiddel is. 

Voorbeeld schriftelijke vastlegging overeenkomst
Piet-Hein verkoopt zijn woning. Er is een aantal zaken die hij in het huis achterlaat, zoals de vitrage, het zonnescherm en een paar kledingkasten. 

Dit wordt in de koopovereenkomst tussen Piet-Hein en de kopende partij schrifte lijk vastgelegd. 

Voorbeeld niet schriftelijke vastlegging overeenkomst
Rob gaat een weekend met vakantie naar Duitsland. Vlak voor zijn vertrek op vrijdagavond realiseert hij zich dat hij nog een reisverzekering moet afsluiten. Hij belt zijn adviseur op en regelt de verzekering. 

Omdat Rob zondag al terug is, wordt de verzekering afgesloten, maar volgt er geen polis. 

4. Geoorloofde afspraak 

De overeenkomst mag niet in strijd zijn met de wet, de openbare orde of goede zeden. Als dat wel het geval is, dan is de overeenkomst nietig. Dit houdt in dat de overeenkomst niet bestaat en nooit heeft bestaan. Alle rechtsgevolgen moeten worden teruggedraaid. Maar ook de rechtsgevolgen die hierop waren gebaseerd, moeten ongedaan gemaakt worden. 

Het resultaat van nietigheid en vernietigbaar is gelijk. Alleen de weg ernaar toe is anders. 

  • Nietige rechtshandeling 
    Zoals al gezegd heeft een nietige rechtshandeling nooit bestaan. Omdat er iets is misgegaan bij de rechtshandeling zelf, is de overeenkomst vanaf het eerste moment niet rechtsgeldig geweest. Alle rechtsgevolgen moeten worden teruggedraaid. 

Voorbeeld nietige rechtshandeling
Cor heeft, via een verre vriend, een nieuwe fiets met elektronische trapondersteuning gekocht voor slechts €100. Cor moet zich realiseren dat een dergelijke fiets nieuw in ieder geval €1.000 kost. 

Door deze fiets te kopen handelt Cor in strijd met de ‘goede zeden’. De overeenkomst is nietig. 

  • Vernietigbare rechtshandeling 
    Als sprake is van een vernietigbare rechtshandeling dan is sprake geweest van een geldige overeenkomst. De overeenkomst is echter op enig moment achteraf ongeldig verklaard. Dit kan omdat een persoon de rechtshandeling niet had mogen verrichten, omdat de overeenkomst aangegaan is onder bedreiging of doordat wederpartij een verkeerde voorstelling van zaken heeft gegeven. 

Voorbeeld vernietigbare rechtshandeling
Corné koopt een nieuwe Volkswagen Passat. In de koopovereenkomst is vast gelegd dat Corné het nieuwste model krijgt met daarin sidebacks, neon verlichting en cruise control. 

Bij aflevering blijken deze opties niet in de auto aanwezig. 

Corné kan de overeenkomst vernietigen, omdat de verkoper van de auto de verplichtingen uit de overeenkomst niet is nagekomen. 

In het Burgerlijke Wetboek (BW) zijn niet alleen de vereisten voor de overeenkomst vastgelegd, maar ook welke bescherming de klant heeft in het zakelijke verkeer. Voor de financiële dienstverlening gelden binnen de Wet op het financieel toezicht (Wft) afzonderlijke regels. De meeste bedrijven hebben algemene voorwaarden die onlosmakelijk met de koopovereenkomst verbonden zijn. In de voorwaarden zijn een of meerdere bedingen opgenomen die voor elke overeenkomst gelden. 

Lees eens de algemene voorwaarden van je eigen bankrekening met rekening- courantkrediet (rood staan) en ga daarnaast op zoek naar de productvoorwaarden, die de bank meegestuurd heeft. In het examen moet je voorwaarden kunnen lezen en interpreteren. 

In principe moet een klant vooraf kennis hebben kunnen nemen van de algemene voorwaarden. In de voorwaarden mogen geen onredelijk bezwarende bedingen zijn opgenomen. Deze ‘onredelijk bezwarende bedingen’ zijn opgenomen in een zogenoemde ‘grijze lijst’. Dit heeft tot gevolg dat een rechter ook bepalingen uit de algemene voorwaarden kan vernietigen, wanneer ze op deze lijst voorkomen. 

Voorbeeld onredelijk bezwarend beding
Joop heeft een overeenkomst met een sportschool. In de algemene voorwaarden is vastgelegd dat termijnbetaling mogelijk is. Maar als een klant niet op tijd zijn termijn betaling voldoet, dan behoudt de sportschool zich het voor recht om de resterende termijnbetalingen in één keer op te eisen en deze betaling moet dan binnen 30 dagen plaatsvinden. 

De rechter vond dit beding onredelijk bezwarend. 

  • Toestemmingsvereiste 
    Er zijn situaties waarbij de echtgenoot of geregistreerd partner volgens het Burgerlijk Wetboek toestemming nodig heeft van zijn echtgenoot of partner. Dit wordt het toestemmings vereiste genoemd. Het toestemmingsvereiste is van toepassing bij:
    • Handelingen met betrekking tot de eigen woning waarin beide partners samen wonen. Voor het vestigen of verhogen van de hypothecaire lening op de woning, of verkoop van de bewoonde woning en/of inboedel is toestemming van de partner nodig.
    • Het aangaan van een schuld, zoals huurkoop of koop op afbetaling.
    • Het als borg of medeschuldenaar verbinden aan een derde.
    • Het doen van bepaalde ongebruikelijke giften. Denk aan het schenken van (een deel van) het vermogen aan een andere partij. 

Voorbeeld geen toestemming nodig van echtgenoot
Chi is gehuwd in gemeenschap van goederen. Chi is eigenaar van haar eigen strijkservicebedrijf. Zij koopt een bestelbusje op afbetaling. Met dit busje haalt zij de strijkwas op bij klanten, neemt dit mee naar haar bedrijf waar de was gestreken wordt en vervolgens brengt zij de gestreken was weer terug naar haar klanten. 

Omdat Chi het bestelbusje nodig heeft voor haar bedrijf, heeft ze voor de koop geen wettelijke toestemming nodig van haar echtgenoot. Dit is een uitzondering op het toestemmingsvereiste. 

Als er geen toestemming is gegeven in de genoemde situaties, is de rechtshandeling vernietigbaar. 

Koop op afstand

Bij koop op afstand heeft de koper recht op een schriftelijke bevestiging van de overeenkomst. Als de klant over een emailaccount beschikt, mag de bevestiging per email verstuurd worden. Bij telefonische verkoop geschiedt de bevestiging veelal per post. In deze bevestiging moet alle relevante informatie van de overeenkomst vermeld staan. 

Een koper heeft bij koop op afstand het recht de overeenkomst te ontbinden. De bedenktijd is afhankelijk van het product dat wordt aangeschaft. Standaard is een bedenktijd 14 dagen, bij levensverzekeringen is dat 30 dagen. 

De bedenktijd gaat pas in op het moment dat de klant alle relevante informatie heeft. De bedenktijd wordt wanneer de aanbieder tijdens de koop belangrijke informatie achterhoudt. 

Huwelijksrecht

De adviseur moet een passend advies aan zijn klant verstrekken. Van groot belang daarbij is de samenlevingsvorm van de klant. Het personen- en familierecht is opgenomen in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Het huwelijksvermogensrecht is dus onderdeel van het personen- en familierecht en behandelt de verschillende situaties waarin partners met elkaar leven. 

Wijzigingen huwelijksvermogensrecht

Nederland was één van de weinige landen in de wereld waar trouwen in algehele gemeenschap van goederen de standaard was. Het was dus tijd voor vernieuwing van het vermogensrecht. 

Bij het aangaan van een huwelijk zonder huwelijkse voorwaarden geldt automatisch de wettelijke gemeenschap van goederen. Tot 1 januari 2018 was het volgens het huwelijksvermogensrecht zo dat een huwelijk waarbij geen huwelijkse voorwaarden waren opgemaakt, automatisch een huwelijk in algehele gemeenschap van goederen was. Dat ‘automatisme’ bestaat met ingang van 1 januari 2018.niet meer. Vanaf die datum is trouwen in beperkte gemeenschap van goederen de standaard. 

Redenen voor wetswijziging

Een belangrijke reden voor het wijzigen van de wet is het feit dat de gehuwden nu niet meer geconfronteerd – kunnen – worden met schulden die de partner voor het huwelijk gemaakt heeft. Bovendien raakt een partner zijn of haar voorhuwelijkse bezittingen bij huwelijk niet voor de helft kwijt aan zijn of haar nieuwe partner. De andere reden voor deze wetswijziging is dat in Nederland de algemene mening heerst dat erfenissen en schenkingen privé moeten blijven. 

Huwelijksregimes
We zetten de huwelijksregimes nog even op een rij. 

  1. Algemene gemeenschap van goederen 

Vindt het huwelijk plaats op basis van algehele gemeenschap van goederen, dan wordt alles gemeenschappelijk. En ‘alles’ houdt in dat alle schulden en het vermogen van voor en tijdens het huwelijk door het huwelijk van beide partners zijn geworden. Dit wordt ook wel boedelmenging genoemd. Bij echtscheiding heeft elke partner dan recht op 50% van de boedel. Sinds 1 januari 2018 moeten partners naar de notaris om dit huwelijksregime te laten vastleggen. 

Tot 1 januari 2018 viel een eigen onderneming automatisch in de gemeenschap van goederen. De schuldeisers konden dan op alle gezamenlijke bezittingen verhaal halen. 

  1. Beperking gemeenschap van goederen 

Sinds 1 januari 2018 is er ‘automatisch’ sprake van beperkte gemeenschap in goederen. De belangrijkste wijzigingen zijn:

  • alles wat voor het huwelijk privé is, blijft 100% privébezit
  • alles wat tijdens het huwelijk verkregen wordt, valt in de gemeenschap Concreet betekent dit dat buiten de gemeenschap blijven:
  • alle goederen en schulden die de echtgenoten voor het huwelijk hadden en die 100% bezit waren van één van de partners
  • schenkingen en erfenissen 

Goederen waarvan de echtgenoten voor het huwelijk samen eigenaar waren, gaan wél tot de gemeenschap van goederen behoren. Ook de door de partner ontvangen erfenissen of schenkingen, inclusief hun vruchten, tijdens het huwelijk vallen niet onder de gemeenschap. De partner kan geen aanspraak maken op een erfenis of schenking, waardoor de verkrijgende partner bij echtscheiding ‘beschermd’ is. 

Bij een huwelijk in algehele gemeenschap van goederen vallen schenkingen en erfenissen in de gemeenschap. De schenker of erflater kan hiervan afwijken via een ‘uit’sluitingsclausule. In de uitsluitingsclausule wordt vastgelegd dat schenkingen of erfenissen buiten de gemeenschap vallen. Bij een huwelijk met beperkte gemeenschap van goederen kan een ‘in’sluitingsclausule wellicht wenselijk zijn. In dat geval legt de schenker of erflater vast dat schenkingen of nalatenschappen juist wél in de goederengemeenschap vallen. Zowel een in- als uitsluitingsclausule moeten bij erfenissen middels notariële akte worden vastgelegd. Bij een schenking volstaat een vermelding in de omschrijving bij de overboeking 

Bij een huwelijk gesloten vanaf 1 januari 2018 valt de eigen onderneming automatisch in de gemeenschap van goederen wanneer deze gestart wordt tijdens het huwelijk. Was er al een eigen onderneming vóór het huwelijk, dan blijft deze behoren tot het privévermogen van de betreffende partner. 

Alle regels van het huwelijksvermogensrecht gelden ook voor het geregistreerd partnerschap. 

Voorbeelden: starten eigen onderneming wel of niet in gemeenschap
Joop en Else huwen op 1 juli 2020. Else start haar eigen onderneming op 1 oktober 2020. De onderneming valt onder de gemeenschap van goederen van Joop en Else. Bij scheiding heeft Joop recht op 50% van de onderneming. 

Sven en Wendy hebben vanaf 2010 samen een onderneming. Zij besluiten te gaan trouwen op 12 januari 2020. De bezittingen en/of schulden in deze onderneming blijven ook na die huwelijks- datum gemeenschappelijk. 

Karin en Mathias kiezen als geregistreerd partners op 1 augustus 2020 door het leven te gaan. Mathias had voor hun geregistreerd partnerschap al een eigen onderneming. De onderneming valt niet onder de gemeenschap van goederen van Karin en Mathias, maar onder het privévermogen van Mathias. Bij scheiding heeft Karin geen rechten op (een deel van) de onderneming. 

Pensioenrechten vallen buiten de gemeenschap. Zo blijft bij scheiding de verdeling beperkt tot dat deel wat tijdens het huwelijk is opgebouwd. Dit is geregeld in de Wet verevening pensioenrechten. 

  1. Volledige uitsluiting gemeenschap van goederen 

Partners sluiten iedere vorm van gemeenschap van goederen uit. Dit wordt ook wel de ‘koude uitsluiting’ genoemd. 

Niet de standaard
Afwijken van de beperkte gemeenschap van goederen kan, maar in dat geval moeten de partners naar de notaris gaan om dit vast te leggen. Ook wanneer partners kiezen voor specifieke uitsluitingen of volledige uitsluiting zullen ze dit bij de notaris moeten vastleggen. 

Kanttekening
De Wet Beperking Wettelijke gemeenschap van goederen is met de kleinste meerderheid in de Eerste Kamer aangenomen (38 tegen 37 stemmen). Hieruit mag geconcludeerd worden dat er geen groot draagvlak was voor het voorstel. De ‘nee’-stemmers zijn met name bang voor de rechtsonzekerheid en voorzien grote uitvoeringsproblemen. Er is bij een wettelijke gemeenschap nog steeds sprake van 3 vermogens: 

  • Twee privévermogens die gescheiden zijn en blijven; en 
  • Eén gemeenschappelijk vermogen dat verdeeld moet worden 

De privévermogens zullen in de beperkte gemeenschap van goederen in principe groter zijn dan bij een algehele gemeenschap, omdat voorhuwelijkse privégoederen privé blijven. En daar ligt een grote uitdaging. Want als dit niet goed wordt geadministreerd door de partners, is het lastig om dit later bij een eventuele echtscheiding aan te tonen. De rechter hanteert dan het zogenaamde bewijsvermoeden en gaat er van uit dat deze goederen in de gemeenschap vallen. 

Bij echtscheiding of overlijden.
De gemeenschap van goederen wordt bij echtscheiding of overlijden 50/50 verdeeld. Dit betekent uiteindelijk dat de partner recht heeft op zijn privévermogen en de helft van de gemeenschap